De “regularisatie” in de erfbelasting anno 2022
Geschatte leestijd
4 minuten
   

Artikel ook verschenen op Jubel

Met ingang van 1 januari 2021 is er zoals bekend niet langer een wetgevend kader voor een regularisatie voor wat betreft de Vlaamse belastingen met inbegrip van de erfbelasting. Het toenmalig decreet van 2017 betrof een ‘tijdelijke’ regularisatie en de desbetreffende Vlaamse regularisatieaangiftes dienden te worden ingediend uiterlijk 31 december 2020. Wat dan erna… kan de erfbelasting dan niet langer worden geregulariseerd? Of toch? Het antwoord luidt dat een fiscale rechtzetting wel degelijk kan.

Stel u bent ingevolge overlijden van een ouder, echtgenoot, broer, zus, etc. eigenaar geworden van een buitenlandse rekening, van een buitenlands onroerend goed, enz., en dit actief werd niet aangegeven in de aangifte van nalatenschap. In voorkomend geval werd ten onrechte geen erfbelasting voldaan. Bovendien kan tevens de vraag rijzen naar de herkomst van de fondsen waarmee de erflater destijds het buitenlands actief heeft aangekocht. Er kleeft met andere woorden een fiscale smet op uw erfenis.

In dit scenario is het op vandaag zo goed als onmogelijk geworden zomaar de buitenlandse rekening naar België te repatriëren, het buitenlands onroerend goed te verkopen, etc. Er is immers de internationale gegevensuitwisseling, de strenge compliance en meldingsplicht van de banken, enz.

De (enige) uitweg is in dit geval de fiscale zonden spontaan gaan “regulariseren”. Regulariseren in de eigenlijke zin van het woord brengt de volledige fiscale én strafrechtelijke immuniteit met zich mee.

Op federaal niveau is er op vandaag nog steeds een wetgevend kader om verjaarde kapitalen en niet-verjaarde inkomsten te gaan regulariseren. Op die manier kunnen alvast de in het verleden - bij de opening van de rekening of bij de aankoop van het buitenlands vastgoed - betaalde sommen, worden geregulariseerd. Dit gebeurt middels het indienen van en regularisatieaangifte en het betalen van een regularisatieheffing. Dit federaal systeem loopt nog tot 31/12/2023.

Op Vlaams niveau echter liep de tijdelijke regularisatiewetgeving tot eind 2020 en deze werd niet verlengd. De vraag is dan of en hoe men zich voor de Vlaamse belasting – we focussen hier op de erfbelasting – alsnog in regel kan stellen. Deze vraag heeft een belangrijk impact, niet alleen voor wat betreft de onvolledige aangiftes van nalatenschap uit het verleden, tevens zal er nog al eens een link bestaan met te regulariseren kapitalen op het federaal niveau.

In de praktijk blijkt dat een rechtzetting van de erfbelasting bij de Vlaamse Belastingdienst mogelijk is door middel van een bijvoeglijke aangifte van nalatenschap, en dit zowel voor niet-verjaarde als voor verjaarde belastingen.

Noteer overigens dat de vraag vaak, inzonderheid wanneer het overlijden zich situeert in het verleden, betrekking zal hebben op verjaarde erfbelasting. Zo werd bijvoorbeeld bij invoering in 2014 van de Vlaamse Codex Fiscaliteit voorzien dat de erfbelasting die op dat moment nog niet was verjaard, verjaart per 31/12/2019.

Voor niet-verjaarde erfbelasting is deze mogelijkheid tot bijvoeglijke aangifte vanzelfsprekend. Voor verjaarde erfbelasting is in de rechtsleer debat gerezen of de Vlaamse Belastingdienst aanvullende aangiftes wel zou willen behandelen en aanvullende erfbelasting zou gaan inkohieren. Er kan desgevallend immers sprake zijn van een onverschuldigde betaling, waarvan de aangever terugbetaling kan vorderen.

De Vlaamse Belastingdienst heeft evenwel steeds aanvaard dat ook voor de verjaarde erfbelasting een bijvoeglijke aangifte van nalatenschap kan worden ingediend. Tot voor kort ging de Vlaamse Belastingdienst dan over tot inkohiering van een aanslag in de erfbelasting op basis van deze bijvoeglijke aangifte. Sinds recent, om tegemoet te komen aan blijvende kritiek in de vakliteratuur inzake de leer van de onverschuldigde betaling, gaat de Vlaamse Belastingdienst op een andere manier te werk. Zij verstuurt de aangever een brief met uitnodiging tot betaling van de erfbelasting. In dit schrijven is uitdrukkelijk vermeld dat teruggave van het betaalde bedrag niet mogelijk is omdat de betaling wordt verricht in uitvoering van een natuurlijke verbintenis.

De aangever betaalt geen regularisatieheffing doch wel de reguliere erfbelasting verhoogd met een boete op deze belasting. Meer specifiek wordt de erfbelasting berekend op de belastbare grondslag (waarde van het actief) en het tarief in de erfbelasting op datum van overlijden van de erflater. Op de aldus vastgestelde aanvullende rechten wordt een belastingverhoging wegens verzuim toegepast van (in de meeste gevallen) 20%.

Op die manier wordt de fiscale situatie in de erfbelasting rechtgezet. Deze aanvullende aangifte en betaling in de erfbelasting brengt in theorie geen strafrechtelijke immuniteit met zich mee. In de praktijk evenwel is het zeer de vraag, vermits de erfbelasting spontaan wordt rechtgezet en er de verzuimboete op wordt voldaan, of er nog een stafrechtelijk verhaal aan de orde zal komen. De inschatting lijkt te mogen zijn dat dit – behoudens buitengewone omstandigheden – in principe niet het geval zal zijn.

Regulariseren van de Vlaamse erfbelasting is met ingang van 1 januari 2021 niet langer decretaal geregeld. Sindsdien kan de erfbelasting alsnog worden rechtgezet middels een bijvoeglijke aangifte van nalatenschap. Dit geldt zowel voor niet-verjaarde als voor verjaarde erfbelasting. Op het bijkomend aangegeven actief betaalt u aanvullende rechten in de erfbelasting berekend op de waarde van het actief op datum van overlijden; op deze aanvullende rechten is een verzuimboete van toepassing tot 20%. Sinds kort wordt de betaling van deze erfbelasting (aanvullende rechten meer de boete) door Vlabel uitdrukkelijk aangemerkt als een natuurlijke verbintenis. Het vacuüm dat was ontstaan door het gebrek aan Vlaamse regularisatiewetgeving wordt op die manier in zijn essentie opgelost.

Imposto Tax Talks

Een praktijkgerichte nieuwsbrief die de juridische en fiscale actualiteit op de voet volgt, tweemaandelijks in jouw inbox.