Wetsvoorstel una via - het fiscaal strafrecht op het slechte pad ?

Wetsvoorstel una via - het fiscaal strafrecht op het slechte pad ?

04.04.2012
Jan Sandra (advocaat-vennoot) en Steven Vancolen (advocaat-vennoot)

Elke fiscale fraude is strafbaar, zowel strafrechtelijk als administratief

Wie een fiscale wet schendt, bevindt zich misschien sneller dan gedacht in het domein van het strafrecht. Het volstaat immers dat de overtreding wordt begaan met een bedrieglijk opzet om als fiscaal fraudeur te worden bestempeld (zie bv artikel 449 Wetboek Inkomstenbelastingen of artikel 73 BTW-wetboek). Elke vorm van fiscale fraude, licht of zwaar, is aldus strafbaar. Zowel het parket als de fiscus is dan bevoegd en zowel strafsancties (zoals een gevangenisstraf, een geldboete en een verbeurdverklaring) als administratieve sancties (zoals belastingverhogingen en administratieve boetes) kunnen worden opgelegd. Zo kan iemand die op vandaag bewust nalaat een belastingaangifte in te dienen met de bedoeling te ontsnappen aan het betalen van belastingen worden gesanctioneerd met een gevangenisstraf van maximum 2 jaar, een geldboete tot 125.000,00 €, een belastingverhoging tot 200 % en een administratieve boete tot hoogstens 1.250,00 €.

Una Via: beteugeling langs één weg

Het feit dat voor fiscale misdrijven zowel parket als fiscus bevoegd zijn, maakt dat er geen efficiënte inzet is van de beschikbare middelen; er wordt in feite dubbel werk geleverd. Bovendien worden dezelfde feiten ook dubbel bestraft; strafrechtelijk én administratief.

Het zogenaamde una via-principe betekent dat er een keuze moet worden gemaakt: een fiscale inbreuk wordt ofwel administratief ofwel strafrechtelijk beteugeld, maar niet op beide manieren. Iedere instantie legt zich toe op zijn kerntaak: de fiscus spoort fiscale fraude op en int belastingen en het parket vervolgt fiscale misdrijven die strafwaardig zijn. Una via is een depenaliseren van lichte fiscale misdrijven en het beogen van een efficiënter vervolgingsbeleid.

Ontdubbeling van de fiscale strafvervolging ?

In de Kamer is sinds 13 maart 2012 het Wetsvoorstel tot invoering van het Una Via-principe in bespreking. Het voorstel dateert van 23 december 2011 en is historisch gegroeid uit een 7° aanbeveling van het verslag van de parlementaire onderzoekscommissie naar de grote fiscale fraude van 7 mei 2009. Het voorstel is een nieuwe poging van de wetgever om het principe in het Belgisch fiscaal recht in te voeren nadat een eerder voorstel sneuvelde op kritiek van de Raad van State. In zijn beleidsnota heeft de nieuwe staatssecretaris voor de “bestrijding van de sociale en de fiscale fraude” aangekondigd dat het wetsvoorstel prioritair zal worden behandeld in de Kamer. Anders dan ‘gewone’ ambtenaren die strafbare feiten waarvan ze kennis krijgen in de uitoefening van hun ambt moeten meedelen aan het parket kunnen fiscale ambtenaren dit slechts na een machtiging van hun gewestelijke directeur. Deze drempel werd ingebouwd vanuit de zorg te beschermen tegen ongeoorloofde inmenging van de fiscus in de strafprocedure (zie de waarborgen voorzien in het zogenaamde Charter van de belastingplichtige van 4 augustus 1986). Het wetsvoorstel voorziet nu, bijkomend, in een overleg tussen de gewestelijke directeur en zijn medewerkers enerzijds en het parket anderzijds. Dit overleg handelt ondermeer over concrete dossiers en is facultatief. Na het overleg heeft het parket de mogelijkheid om de strafvervolging is te stellen. Indien zij dit doet, maakt de fiscus haar dossier over aan het parket en wordt de rol van de fiscale administratie beperkt tot het vaststellen van de belasting. Belastingverhogingen en administratieve boetes zijn dan niet langer opeisbaar. Enkel de strafsancties zijn dan nog aan de orde.

Het wetsvoorstel is nu reeds het voorwerp van scherpe kritiek. Zo rijst de vraag of en in welke mate het wetsvoorstel een al dan niet geoorloofde schending uitmaakt van de scheiding der machten. Via het overleg is er immers een rechtstreekse inmenging van de uitvoerende macht (de fiscale administratie) bij de strafvervolging, zijnde de taak van de rechterlijke macht (het parket). Ook de kritiek van de Raad van State bij het eerste voorstel was overigens geformuleerd vanuit de eis van respect voor de respectieve bevoegdheden van de uitvoerende en de rechterlijke macht. Een ander punt van kritiek is dat fiscale ambtenaren die deelnemen aan het overleg niet langer vallen onder de wettelijke beperking dat zij enkel als getuige kunnen optreden in de strafprocedure (zie artikel 463 WIB 92). Daardoor is de vrees ontstaan voor een actieve deelname van deze ambtenaren aan huiszoekingen en verhoren. Volgens de Memorie van Toelichting zou dit niet de bedoeling zijn doch het lijkt zich wettelijk niet op die manier te zullen vertalen. De meest fundamentele kritiek is wel dat het wetsvoorstel op geen enkele manier voorziet in een ontdubbeling van het onderzoek op een manier dat de fiscus bevoegd zou worden voor het onderzoek naar de ‘kleinere’ fiscale fraude en het parket voor de ‘zware’ fiscale fraude. Beide instanties behouden integendeel hun onderzoeksbevoegdheden. Dubbel werk is met andere woorden niet uitgesloten.

Ontdubbeling van de strafsancties?

Het non bis in idem-beginsel betekent dat iemand voor dezelfde feiten niet tweemaal kan worden gestraft. Een dubbele bestraffing in het fiscaal strafrecht is, zoals hoger geduid, niet uitgesloten. Het non bis in idem-beginsel is nochtans erkend door het Europese Hof voor de Rechten van de Mens (zie inzonderheid de arresten Zolotukhin en Ruotsalainen). Het wetsvoorstel van 13 maart 2012 wil aan deze rechtspraak tegemoet komen. Het lijkt in dit opzet te slagen althans voor die dossiers die het voorwerp uitmaken van het voornoemde overleg: eens voor deze dossiers de strafvordering wordt ingesteld, kunnen enkel nog strafsancties worden opgelegd, niet langer administratieve sancties.

Strengere straffen

Het wetsvoorstel voorziet in dezelfde beweging in strengere straffen. De bedoeling is het bekomen van een groter ontradend effect. De maximum geldboete, zoals de geldboete uit hoger genoemd voorbeeld, wordt verhoogd van 125.000,00 € naar 500.000,00 €. Bovendien worden de zogenaamde ‘opdecimes’ van toepassing verklaard op de fiscale strafsancties. Concreet betekent dit dat de boete van 500.000,00 € nog eens moet worden vermenigvuldigd x 6 zodat zij 3.000.000,00 € bedraagt. De verhoging geldt overigens ook voor overtredingen waarin in een lagere strafsanctie is voorzien.

Een gemiste kans

Het wetsvoorstel tot invoering van het una via-principe ontgoochelt. Er is geen sprake van een daadwerkelijke una via. Er is inzonderheid niet voorzien in de ontdubbeling van de vervolging van de fiscale misdrijven: zowel parket als fiscus behouden elk hun onderzoeksbevoegdheden. In feite wordt gewoon de gegevensuitwisseling tussen parket en fiscus versoepeld door de invoering van een (facultatief) overleg tussen beide instanties. Dit doet meteen vragen rijzen op het vlak van ondermeer de scheiding der machten. Het wetsvoorstel heeft enkel de verdienste tegemoet te willen komen aan de vereisten van het non bis in idem-beginsel; het recht om geen twee keer voor dezelfde feiten te worden gestraft. Tenslotte blijft elke vorm van fiscale fraude strafbaar; van een depenalisering is geen sprake. De maxima van de fiscale strafsancties worden daarentegen gevoelig verzwaard (x 24 en voor sommige misdrijven x 240 !). Thans betreft het een wetsvoorstel. Naar verluidt kan de wet worden verwacht in de loop van mei 2012. Het is alvast uitkijken of er eventuele bijsturingen volgen. 

Nieuwsbrief Archief

loading

Inschrijven voor onze nieuwsbrief

IMPOSTO Nieuwsbrief verschijnt maandelijks rond de kernexpertises van IMPOSTO Advocaten. De invalshoek is praktijkgericht. Schrijf u gratis in.

We zullen uw persoonsgegevens verwerken in overeenstemming met ons privacybeleid.