Vrijwillige erfenissprong wordt mogelijk - opportuniteit voor successieplanning !?

Vrijwillige erfenissprong wordt mogelijk - opportuniteit voor successieplanning !?

In haar beleidsnota maakte minister van Justitie Turtelboom bekend dat ze de eeuwenoude erfregels, vaak nog daterend van het Napoleontische tijdperk, wil moderniseren en aanpassen aan de maatschappelijke evolutie. Een eerste stap in de hervorming van het erfrecht werd reeds gezet eind vorig jaar: de wet van 10 december 2012, in werking getreden op 21 januari 2013, voert een nieuwe regeling over de erfrechtelijke onwaardigheid in en – wellicht belangrijker - verruimt het begrip plaatsvervulling waardoor voor het eerst een vrijwillige erfenis- of generatiesprong in het erfrecht mogelijk word gemaakt.

Tot voor kort kon men niet in de plaats treden van een erfgenaam die de nalatenschap verwierp: bij plaatsvervulling kon men enkel opkomen voor overleden erfgenamen. Wanneer een grootvader met twee zonen overleed en zijn ene zoon verwierp de nalatenschap, dan erfden de kleinkinderen aan de zijde van de verwerpende zoon niet in zijn plaats, waardoor de andere zoon alles kreeg.

De nieuwe wet maakt plaatsvervulling voor verwerpende erfgenamen wel mogelijk, waardoor een vrijwillige erfenis- of generatiesprong wordt ingevoerd. In het voornoemde voorbeeld zullen de kleinkinderen aan de zijde van de verwerpende zoon onder de nieuwe wetgeving het aandeel van hun vader (de zoon) in de nalatenschap van de grootvader bekomen in zoverre de vader (de zoon van de grootvader) de nalatenschap verwerpt. Deze verwerping vindt plaats door het neerleggen van een verklaring op de rechtbank van eerste aanleg in het ambtsgebied van de overleden persoon.

Deze wetswijziging is ingegeven door de toenemende vergrijzing: de gemiddelde leeftijd waarop men overlijdt wordt steeds hoger, waardoor de kinderen van de erflater erven op een ogenblik dat ze de erfenis van de ouders niet meer nodig hebben om te voorzien in de eigen behoeften. Hun kinderen (de kleinkinderen van de erflater) daarentegen worden geconfronteerd met heel wat investeringen en uitgaven, zoals het aankopen of bouwen van een huis, de opvoeding van jonge kinderen…

Door plaatsvervulling mogelijk te maken bij verwerping, hoeven de ouders die hun erfdeel in de nalatenschap van hun ouders (grootouders) willen doen toekomen aan hun kinderen (kleinkinderen) enkel maar de nalatenschap te verwerpen opdat hun kinderen rechtstreeks erven van de grootouders.

Wat is nu de toegevoegde waarde hiervan op vlak van successierechten?

In het nieuwe systeem zijn er enerzijds slechts één maal successierechten verschuldigd (door de kleinkinderen), en is het niet vereist dat de kinderen eerst de nalatenschap aanvaarden (en successierechten betalen) en vervolgens hun erfdeel aan hun kinderen laten vererven (tegen betaling van nieuwe successierechten) of aan hen schenken (tegen betaling van schenkingsrechten). Anderzijds biedt deze erfenissprong geen mogelijkheid om bij het eerste overlijden (van de grootvader in het hier bedoelde voorbeeld) een besparing te realiseren doordat het vermogen over meerdere hoofden (twee kleinzonen en een zoon in plaats van twee zonen) wordt gespreid; de wetgever had reeds in artikel 68 van het Wetboek van Successierechten ingeschreven dat het verwerpen geen aanleiding kan geven tot een besparing aan successierechten; de twee kleinzonen zullen dus de successierechten die hun vader had moeten betalen verschuldigd zijn.

Een pijnpunt op vlak van successieplanning blijft dat uiteindelijk de ouder (in casu de vader) dient te verwerpen en dat de grootvader hieromtrent nooit echt zekerheid heeft; in die zin is zijn successieplanning afhankelijk van de handelingen van zijn kind(eren) na zijn overlijden. Tweede minpunt is dat een gedeeltelijke verwerping (waarbij in casu de vader een deel van de erfenis verwerpt maar een ander deel aanvaardt) niet tot de mogelijkheden behoort.

Hiermee is een eerste erfenissprong ingevoerd, die enkel mogelijk is indien de ouders de erfenis van hun ouders verwerpen. Minister van Justitie Turtelboom heeft in haar beleidsnota voor 2013 een tweede erfenissprong aangekondigd, waarbij de grootouders zelf kunnen beslissen om hun erfenis aan hun kleinkinderen over te maken. Ook andere belangrijke wijzigingen van het erfrecht liggen in het vooruitzicht, waaronder de mogelijkheid om stiefkinderen te betrekken in de verdeling van de nalatenschap.

Op het eerste gezicht lijkt deze techniek in heel wat gevallen te weinig flexibiliteit in zich te dragen en te weinig zekerheid te bieden vanuit het oogpunt van de persoon die in zijn planning wenst te voorzien. Het spreekt voor zich dat er technieken zijn die veel beter aansluiten op de noden van de moderne successieplanning, zoals daar zijn de schenking met controlestructuren. 

Nieuwsbrief Archief

loading

Inschrijven voor onze nieuwsbrief

IMPOSTO Nieuwsbrief verschijnt maandelijks rond de kernexpertises van IMPOSTO Advocaten. De invalshoek is praktijkgericht. Schrijf u gratis in.