Volstorting van kapitaal – minutenkredieten in het vizier !

Volstorting van kapitaal – minutenkredieten in het vizier !

De oprichting van een vennootschap of een kapitaalverhoging veronderstelt steeds een inbreng in natura of in geld. In het laatste geval geldt een minimale volstortingsplicht, waarbij het zich uiteraard kan voordoen dat een inbrenger niet over de nodige liquide middelen beschikt. Dat de inbrenger daarvoor een lening kan aangaan, is evident. Eenmaal de inbreng in geld is voltooid, staat het de vennootschap principieel vrij om over de middelen te beschikken ter verwezenlijking van haar doel. Zo kan de vennootschap de gelden investeren of vervangen door andere vermogensbestanddelen. Wanneer de inbrenger voor zijn volstortingsplicht een zgn. minutenkrediet zou aangaan en dit naderhand zou worden afgelost met vennootschapsmiddelen, is echter enige omzichtigheid geboden.

De klassieke opvatting die sterk houdt aan de kapitaal- en volstortingsplichten in het belang van de schuldeisers van de vennootschap, wordt de laatste jaren meer en meer in vraag gesteld. Desalniettemin stelde het Hof van Cassatie zich met een arrest van 2 oktober 2012 eerder streng op. De feiten die aanleiding gaven tot het arrest waren weliswaar scherp. 

Een accountant bracht bij een bank meerdere klanten aan die een vennootschap wilden oprichten of een kapitaalverhoging doorvoeren, zonder dat zij daarvoor de nodige liquide middelen hadden. De filiaalhouder van de bank stelde daarom gelden van andere klanten tijdelijk ter beschikking van de vennootschap in oprichting, en leverde op basis daarvan de nodige bankattesten af. Meteen na de voltooiing van de inbrengen liet hij de gelden terugvloeien naar de ontleners en boekte de accountant bij de vennootschap een schuldvordering in rekening-courant op de inbrenger. De ontleners stelden aldus minutenkredieten ter beschikking van de inbrenger, die vervolgens meteen werden terugbetaald met vennootschapsmiddelen, evenwel zonder tussenkomst van een vennootschapsorgaan zelf. Bovendien bleken de vervangende schuldvorderingen in rekening-courant in werkelijkheid oninbaar, nu de ganse constructie werd gemonteerd precies omdat de inbrenger onvoldoende geld ter beschikking had. De accountant en filiaalhouder werden uiteindelijk zowel in eerste als in tweede aanleg strafrechtelijk veroordeeld wegens valsheid in geschrifte in de bankattesten en de daarop steunende authentieke akten, wat finaal werd bevestigd door het Hof van Cassatie.

Voormeld arrest doet even stilstaan bij de vraag of en wanneer inbrengen en volstortingen met minutenkredieten moeten beschouwd worden als fictieve inbrengen, en wat daarvan de gevolgen kunnen zijn voor de oprichters of zaakvoerders en bestuurders. 

Opdat sprake zou zijn van een reële inbreng, geldt het enige criterium of de vennootschap al dan niet daadwerkelijk de vrije beschikking en controle verkrijgt over de ingebrachte en eventueel gedeeltelijk volgestorte gelden. Wanneer dit niet het geval is, ligt geen reële maar een fictieve inbreng voor en is er sprake van ‘veinzing’. Een fictieve inbreng bij de oprichting van een vennootschap brengt de persoonlijke en hoofdelijke aansprakelijkheid van alle oprichters in het gedrang voor (i) het ganse deel van het kapitaal waarvoor niet op geldige wijze werd ingeschreven en (ii) de werkelijke volstorting van het kapitaal ten beloop van de wettelijke minima. Bij de inbreng en volstorting in het kader van een kapitaalverhoging geldt een gelijklopende regeling voor de zaakvoerders en bestuurders. Wanneer deze problematiek zich aandient bij de oprichting van een vennootschap en er daardoor geen geldig verbonden oprichters zijn, zou zelfs de nietigheid van de vennootschap kunnen uitgesproken worden (cfr. art. 227 W. Venn.). 

Voormeld criterium indachtig, ligt aldus geen ‘veinzing’ voor in de situatie waarbij de vennootschap zelf, met name met tussenkomst van haar bestuursorgaan, besluit tot terugbetaling van het krediet dat de inbrenger aanging om de volstorting te kunnen doen, en deze gelden vervolgens in debet boekt op de rekening-courant van de inbrenger. Niettegenstaande het Hof van Cassatie dit niet expliciet bevestigde, merkt vooraanstaande rechtsleer de aanwending door de vennootschap over de ingebrachte middelen aan als het beste bewijs van de effectieve controle. 

Bij dergelijke constructies kunnen evenwel nog andere vennootschapsrechtelijke bezwaren rijzen. Zo zou de vervanging door de vennootschap van de liquide middelen door een de facto oninbare schuldvordering strijdig kunnen geacht worden met het wettelijk vereiste winstoogmerk voor de vennoten, het vennootschapsbelang en/of het statutair doel. Bovendien zou een en ander in hoofde van de zaakvoerders en bestuurders ook een kennelijk grove fout of zelfs misbruik van vennootschapsgoederen kunnen uitmaken, met alle aansprakelijkheden van dien. 

Het gebruik van minutenkredieten bij de oprichting of kapitaalverhoging welke naderhand worden afgelost door de vennootschap is niet a priori verboden, maar wordt best terughoudend benaderd. Bij de inbreng en volstorting is het immers van cruciaal belang dat de vennootschap daadwerkelijk de vrije beschikking en controle verkrijgt over de ingebrachte middelen. Nadien staat het de vennootschap in beginsel vrij om de ingebrachte middelen te investeren of te vervangen door andere activa. De mogelijkheid voor de vennootschap om een minutenkrediet af te lossen dat de inbrenger aanging voor de inbreng en volstorting en vervolgens een schuldvordering in rekening-courant te boeken, wordt begrensd door het wettelijk specialiteitsbeginsel, het vennootschapsbelang en desgevallend het statutair doel. Wanneer een dergelijke constructie bijvoorbeeld het hoofd moet bieden aan een tijdelijk liquiditeitsprobleem van de inbrenger, waarbij diens solvabiliteit evenwel vaststaat, lijkt daartegen weinig in te brengen. In alle geval komt het aangewezen voor om een en ander uitvoerig te documenteren en de vervangende schuldvordering van de vennootschap waar mogelijk te waarborgen.

Nieuwsbrief Archief

loading

Inschrijven voor onze nieuwsbrief

IMPOSTO Nieuwsbrief verschijnt maandelijks rond de kernexpertises van IMPOSTO Advocaten. De invalshoek is praktijkgericht. Schrijf u gratis in.

We zullen uw persoonsgegevens verwerken in overeenstemming met ons privacybeleid.