Pensioenbeloften in meerdere vennootschappen? ruling impliceert bijkomende mogelijkheden tot optimalisatie!

Pensioenbeloften in meerdere vennootschappen? ruling impliceert bijkomende mogelijkheden tot optimalisatie!

80%-regel. De 80%-grens bepaalt in welke mate de kosten van een vennootschap voor individuele en collectieve pensioentoezeggingen (groepsverzekeringen, IPT-verzekeringen, pensioenbeloftes en bedrijfsleidersverzekeringen) aan haar bedrijfsleider fiscaal aftrekbaar zijn. Kort samengevat houdt de 80%-grens in dat de som van het wettelijk en de extrawettelijke pensioenen, uitgedrukt in een jaarrente, van een bedrijfsleider niet meer mag bedragen dan 80% van zijn laatste normale brutojaarbezoldiging.

In een formule ziet de 80%-grens er als volgt uit:

EP (kapitaal) ≤ [ [ (80% B – WP) x T/N] – EP (rente)andere ] x COEF

waarbij:

EP (kapitaal) = extrawettelijk pensioen uitgedrukt in kapitaal
B = (laatste) normale brutojaarbezoldiging
WP = wettelijk rustpensioen
T = aantal al gepresteerde en nog te presteren dienstjaren
N = normale duur van een volledige beroepsloopbaan
EP (rente) andere = andere extrawettelijke pensioenen uitgedrukt in jaarrente
COEF = omzettingscoëfficiënt van rente in kapitaal

Bedrijfsleider van meerdere vennootschappen. Een natuurlijk persoon kan echter bedrijfsleider zijn in meerdere vennootschappen. Bijgevolg kunnen meerdere vennootschappen een extralegaal pensioen aan de bedrijfsleider toekennen. Praktisch gezien stelt zich dan ook de vraag hoe in dat geval moet worden omgegaan met de 80%-regel. Bij de berekening van de 80%-grens moet immers rekening worden gehouden met het wettelijk pensioen en alle andere extralegale pensioenkapitalen die de bedrijfsleider zal verkrijgen.

Wettelijk pensioen en VAPZ-pensioenkapitaal. Tot voor kort werd de 80%-grens in voorkomend geval vaak in elk van de betrokken vennootschappen afzonderlijk berekend na aftrek van het volledig wettelijk pensioen en het VAPZ-pensioenkapitaal dat de bedrijfsleider bij zijn pensionering zou ontvangen. Door deze volledige aftrek werden het wettelijk pensioen en het VAPZ-pensioenkapitaal van een bedrijfsleider van twee vennootschappen echter tweemaal in mindering gebracht van de 80%-grens: éénmaal in de ene vennootschap en een tweede maal bij de andere vennootschap. Ter herinnering: het VAPZ (Vrij Aanvullend Pensioen voor Zelfstandigen) is de regeling waarbij een zelfstandige een pensioenovereenkomst aangaat met een verzekering of aanverwante instelling om bijdragen te betalen die binnen bepaalde grenzen aftrekbaar zijn van zijn beroepsinkomen, samen met de sociale bijdragen.

Een recente ruling (ruling nr. 2010.032 van 27 april 2010) bevestigt echter de mogelijkheid om het wettelijk pensioen en het VAPZ-pensioenkapitaal van de bedrijfsleider proportioneel om te delen over de verschillende vennootschappen waarin hij bedrijfsleider is in verhouding tot de brutojaarbezoldiging die hij in elk van deze vennootschappen geniet.

Indien de bedrijfsleider een bezoldiging ontvangt in twee vennootschappen, dan wordt het wettelijk pensioen waarmee de 80%-grens in elk van die vennootschappen moet worden verminderd, als volgt berekend:

WP1 = WP x T1/(T1 + T2)
WP2 = WP x T2/(T1 + T2)

Mutatis mutandis is deze formule van toepassing op de in aftrek te brengen VAPZ :

VAPZ1= VAPZ x T1/(T1 + T2)
VAPZ2= VAPZ x T2/(T1 + T2)

Gevolgen. Indien u in meerdere vennootschappen bezoldigd bedrijfsleider bent, dan kan het in het licht van bovenstaande ruling kan het de moeite lonen om uw 80%-grens opnieuw per vennootschap afzonderlijk na te rekenen. De kans is immers reëel dat u, na de proportionele omdeling van uw wettelijk pensioen en VAPZ in verhouding tot de brutojaarbezoldiging die u per vennootschap ontvangt, nog bijkomende marge hebt om een fiscaal gunstig extralegaal pensioen op te bouwen. Indien uw pensioentoezegging bestaat uit een onderhandse pensioenbelofte door de vennootschap, dan is het zaak een overeenstemmend addendum op te maken op uw pensioenovereenkomst, die de grondslag vormt voor de pensioenvoorziening.

In bovenstaande ruling wordt echter de insteek gegeven dat de proportionele omdelingen van het VAPZ en het wettelijk pensioen jaarlijks kunnen wijzigen in de mate dat de bezoldiging van de bedrijfsleider in één van de twee vennootschappen wijzigt. Het is dus zaak dit nauwgezet op te volgen.

Andere extrawettelijke pensioenkapitalen. De vraag is hoe de andere extrawettelijke pensioenkapitalen in aanmerking moeten worden genomen bij de berekening van de 80%-grens. Indien de bedrijfsleider naast een interne pensioentoezegging in zijn vennootschap nog een interne pensioentoezegging geniet in diezelfde vennootschap of in een andere vennootschap, dan is het de vraag in welke mate de principes van bovenstaande ruling inzake de proportionele omdeling van het wettelijk pensioen en het VAPZ-pensioenkapitaal in verhouding tot de betrokken bezoldiging mogen worden doorgetrokken naar de betrokken pensioentoezegging. Dit verhaal zal dus ongetwijfeld z’n vervolg kennen…

Nieuwsbrief Archief

loading

Inschrijven voor onze nieuwsbrief

IMPOSTO Nieuwsbrief verschijnt maandelijks rond de kernexpertises van IMPOSTO Advocaten. De invalshoek is praktijkgericht. Schrijf u gratis in.