NIEUWE WET INZAKE DE RECHTSPLEGINGSVERGOEDING – DE WETGEVER VERSPERT DE TOEGANG TOT DE FISCALE RECHTER ! OF TOCH NET NIET?

NIEUWE WET INZAKE DE RECHTSPLEGINGSVERGOEDING – DE WETGEVER VERSPERT DE TOEGANG TOT DE FISCALE RECHTER ! OF TOCH NET NIET?

Een belastingplichtige die zich voor de rechter verweert tegen een fiscale aanslag zal voortaan alle advocatenkosten moeten dragen. Zelfs als hij beroep doet op een advocaat, de rechtbank hem in het gelijk stelt en de aanslag onterecht was. Dit zou althans het gevolg zijn van de wet van 25 april 2014 gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 18 augustus 2014. De wet is nog niet in werking getreden maar lokt vanuit diverse hoeken al felle reacties uit

Laten we even terug gaan in de tijd. Sinds 1 januari 2008 geldt in gerechtelijke procedures een vernieuwde regeling inzake de rechtsplegingsvergoeding. Sindsdien wordt aan de ‘in het gelijk gestelde partij’ een forfaitaire tegemoetkoming toegekend in de kosten en erelonen van zijn advocaat (art. 1022 Ger. Wb.). Een KB van 26 oktober 2007 legde het tarief van de rechtsplegingsvergoeding vast; het bedrag hangt af van de waarde van de vordering. Wanneer de waarde van de vordering zich bij voorbeeld bevindt in de schaal 60.000 € tot en met 100.000,00 € is een rechtsplegingsvergoeding van 3.300,00 € aan de orde. In de hoogste schaal (we spreken dan van een vordering van meer dan 1.000.000,00 €) is een rechtsplegingsvergoeding van 16.500,00 € aan de orde. De regeling is ook van toepassing op fiscale zaken. Zij kent sinds 2010 een tweetal uitzonderingen, zij het dat deze bij gebreke aan een KB die de inwerkingtreding moet bepalen nog niet in werking zijn getreden. Volgens deze uitzonderingen is de Staat geen vergoeding verschuldigd wanneer het Openbaar Ministerie bij wijze van rechtsvordering in een burgerlijke procedure tussenkomt en wanneer het arbeidsauditoraat een rechtsvordering instelt voor de arbeidsgerechten. 

Met de recente wet wordt, gelet op een aantal arresten van het Grondwettelijk Hof, nu een derde uitzondering ingevoerd: de Staat is geen rechtsplegingsvergoeding verschuldigd: “3° wanneer een publiekrechtelijke rechtspersoon in het algemeen belang als partij optreedt in een geding”. De fiscus kwalificeert als een publiekrechtelijke rechtspersoon. De inwerkingtreding van deze bepaling zou dan ook concreet tot gevolg hebben dat wanneer de belastingplichtige zich verweert tegen een aanslag waarbij hij beroep doet op een advocaat hij van de fiscus geen rechtsplegingvergoeding zal verkrijgen wanneer hij de zaak wint. Verliest hij evenwel de zaak en de fiscus heeft beroep gedaan op een advocaat zal hij wèl een rechtsplegingsvergoeding verschuldigd zijn aan de Staat! 

Dat er sprake is van een ongelijkheid staat buiten kijf; de vraag is of deze ongelijkheid redelijk verantwoord kan zijn

De Orde van Vlaamse Balies (OVB) en de Belgische Vereniging van Fiscaal Advocaten (BATL) reageerden alvast prompt. In een gezamenlijk persbericht onder de sprekende titel “De fiscus heeft ongelijk? U verliest altijd!” drukten zij hun verontwaardiging uit over de nieuwe regeling. In het persbericht wordt onderbouwd waarom de regeling volgens hen een brug te ver is. Zo wordt onder meer aangestipt dat het er gezien de timing sterk op lijkt dat de advocatuur en de consumentengroepen bewust buiten de discussie zijn gehouden en dat de wetgever volledig is voorbijgegaan aan de dagdagelijkse juridische werkelijkheid waarbij belastingplichtigen bij herhaling worden geconfronteerd met onduidelijke en complexe wetgeving die - vaak binnen de fiscale administratie zelf – niet consequent wordt toegepast of geïnterpreteerd. Terecht wordt in dit verband de vraag gesteld of het dan geen zaak is van algemeen belang dat die juridische onduidelijkheid wordt weggenomen door een rechter die de puntjes op de i kan zetten. Dergelijke “richtinggevende interpretaties” dreigen inderdaad voortaan te worden beperkt doordat belastingplichtigen, gelet op het financiële risico, hun recht op toegang tot de rechter dat een fundamenteel recht is liever niet uitoefenen. Ook in verband met de administratieve sancties wordt er op gewezen dat zij moeten kunnen worden beoordeeld door een onafhankelijke rechter. Verder vrezen de OVB en BATL voor de vestiging van moeilijk te onderbouwen of zelfs tergende en roekeloze aanslagen; door het wegvallen van de rechtsplegingsvergoeding zou in hoofde van de ambtenaren wel eens een responsabiliserende drempel kunnen wegvallen vanuit de redenering: “Baat het niet dan schaadt het niet”. Het OVB en de BATL beklemtonen dat de wapengelijkheid tussen de belastingplichtige en de fiscus nog meer dan voorheen dreigt te vervallen. 

De diverse argumenten die het OVB en de BATL aanvoeren kunnen ons inziens zonde r meer worden bijgetreden. Het komt ons dan ook voor dat de ongelijkheid die de wet beoogt niet verantwoord voorkomt. Dat de fiscus wanneer zij de zaak wint en beroep heeft gedaan heeft op een advocaat recht heeft op een rechtsplegingsvergoeding vanwege de belastingplichtige terwijl wanneer de belastingplichtige de zaak wint en beroep heeft gedaan op een advocaat geen recht heeft op een rechtsplegingsvergoeding vanwege de fiscus lijkt niet redelijk te verantwoorden alleen al vanuit het fundamenteel recht op toegang tot de rechter en de wapengelijkheidTot zijn essentie herleid wordt voor de ene partij de toegang tot de rechter immers goedkoper gemaakt dan voor de andere partij zodat er manifest sprake is van een strijd met ongelijke wapens. Minstens lijkt een grondwetsconforme lezing van de nieuwe wet te impliceren dat de verplichting tot het betalen van een rechtsplegingvergoeding ook wegvalt in hoofde van de belastingplichtige wanneer hij de zaak verliest en de fiscus beroep heeft gedaan op een advocaat. De regeling zal, wanneer zij in werking treedt, ongetwijfeld ook een impact hebben op de houding van de fiscus en de belastingplichtige in de fase vóór de rechtbank. Bepaalde ambtenaren zullen zich ongetwijfeld niet of toch minder geremd voelen om te taxeren en zullen in het kader van de bezwaarfase misschien minder geneigd zijn om te streven naar een redelijke of zelfs minnelijke oplossing, al dan niet met tussenkomst van de bemiddelingsdienst. De belastingplichtige daarentegen zal wèl telkens twee keer hoeven na te denken. Dat de Belgische Staat in de praktijk vaak geen beroep doet op een advocaat doet daaraan geenszins afbreuk; vooreerst heeft de belastingplichtige dienaangaande vooraf nooit enige zekerheid en wordt er in graad van beroep door de fiscus hoe dan ook meestal wèl een beroep gedaan op een advocaat. Bovendien zou de administratie gezien de nieuwe regeling wel eens opnieuw meer beroep kunnen doen op een advocaat, ook in eerste aanleg. 

Een belastingplichtige die zich voor de rechter verweert tegen een fiscale aanslag zal voortaan alle advocatenkosten moeten dragen. Zelfs als hij beroep doet op een advocaat, de rechtbank hem in het gelijk stelt en de aanslag onterecht was. Dit zou althans het gevolg zijn van de wet van 25 april 2014 gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 18 augustus 2014. De Orde van Vlaamse Balies en de Belgische Vereniging van Fiscaal Advocaten reageren terecht verontwaardigd. Er rijzen immers talrijke vragen onder meer op het vlak van de toegang tot de rechter en de wapengelijkheid. De regeling is nog niet in werking getreden. Daarvoor is nog een wetgevend ingrijpen vereist. Naar verluidt is het niet zeker dat dit er nog komt. Mocht de wet wel in werking treden, is het zeer de vraag hoe lang hij zal stand houden. De kwestie zal immers dan ongetwijfeld snel worden voorgelegd aan het Grondwettelijk Hof. Het komt voor dat een grondwetsconforme lezing van de nieuwe wet minstens dient te impliceren dat de verplichting tot het betalen van een rechtsplegingvergoeding ook wegvalt in hoofde van de belastingplichtige wanneer hij de zaak verliest en de fiscus beroep heeft gedaan op een advocaat. 

Nieuwsbrief Archief

loading

Inschrijven voor onze nieuwsbrief

IMPOSTO Nieuwsbrief verschijnt maandelijks rond de kernexpertises van IMPOSTO Advocaten. De invalshoek is praktijkgericht. Schrijf u gratis in.

We zullen uw persoonsgegevens verwerken in overeenstemming met ons privacybeleid.