INTERN LIQUIDEREN (2): GESPLITST AANDEELHOUDERSCHAP – BLIJFT DE BLOTE EIGENAAR IN DE KOU STAAN ?

INTERN LIQUIDEREN (2): GESPLITST AANDEELHOUDERSCHAP – BLIJFT DE BLOTE EIGENAAR IN DE KOU STAAN ?

Bij een interne liquidatie wordt door de vennootschap een dividend uitgekeerd aan de aandeelhouders. De aandeelhouders verrichten daarna een kapitaalverhoging met het ontvangen netto dividend. In de mate alle aandeelhouders in dezelfde mate meestappen in de kapitaalverhoging, heeft deze interne liquidatie geen impact op het aandeelhouderschap.

Wat nu als het aandeelhouderschap gesplitst is in blote eigendom – vruchtgebruik, bv ingevolge een schenking in het verleden door de ouders van de aandelen van de vennootschap met voorbehoud van vruchtgebruik? Indien het dividend zou toekomen aan de vruchtgebruiker, dan zou dit betekenen dat ook de vruchtgebruiker de kapitaalinbreng doet en de nieuwe aandelen in de vennootschap verkrijgt. In heel wat gevallen zou dit nefaste gevolgen kunnen hebben naar de successieplanning toe. De vruchtgebruiker (vaak de ouders) zou immers de nieuwe aandelen in volle eigendom bekomen waardoor een eerdere successieplanning teruggedraaid zou worden … en dat kan niet de bedoeling zijn.

De essentiële vraag in deze is met andere woorden aan wie het dividend toekomt indien het aandeelhouderschap gesplitst is in blote eigendom – vruchtgebruik.

Het antwoord op deze vraag vergt een dubbele benadering, een vennootschapsrechtelijk en een burgerrechtelijke benadering.

Vennootschapsrechtelijke benadering

Indien de statuten een precieze regeling bevatten voor de situatie van de blote eigenaar – vruchtgebruiker is deze statutaire bepaling in eerste instantie doorslaggevend. Er kan in de statuten zijn voorzien dat alle rechten op aandelen, met inbegrip van het recht op dividend, toekomen aan de vruchtgebruiker. In deze laatste veronderstelling is het principe dan ook dat vanuit het oogpunt van de vennootschap de dividenduitkering die in het kader van een interne liquidatie moet plaatsvinden dient te worden toegekend aan de vruchtgebruiker.

Indien in de statuten geen precieze regeling bestaat die bepaalt aan wie in dit geval (gesplitste aandelen) het dividend toekomt, dan kan meteen worden overgestapt naar de burgerrechtelijke benadering.

Burgerrechtelijke benadering

In de praktijk wordt in de schenkingsaktes, die de grondslag vormen voor het gesplitst aandeelhouderschap, vaak opgenomen dat de verhoudingen tussen blote eigenaar – vruchtgebruiker op de aandelen dienen te worden bepaald overeenkomstig het Belgisch burgerlijk recht. We gaan er voor deze benadering vanuit dat er geen afwijkende bepaling in de schenkingsakte is opgenomen.

De vraag stelt zich op welke vruchten in dit burgerrechtelijk perspectief de vruchtgebruiker (alleen) recht heeft en op welke niet:

  • In het burgerlijk recht worden dividenden op aandelen geacht toe te komen aan de vruchtgebruiker indien ze betrekking hebben op de winst van het boekjaar;
  • dividenden op aandelen die betrekking hebben op voorheen regelmatig gereserveerde winst worden in het burgerrechtelijk recht evenwel bij gebreke aan afscheidbaarheid geacht geen vruchten te zijn maar deel uit te maken van het aandeel zelf en komen bij uitkering bijgevolg (in toepassing van artikel 596 Burgerlijk Wetboek) voor de blote eigendom toe aan de blote eigenaar en voor het vruchtgebruik aan de vruchtgebruiker; hierover bestaat geen betwisting meer in de literatuur; onder andere Johan Du Mongh en Alain Verbeke nemen heel nadrukkelijk dit standpunt in.

Uit het bovenstaande volgt ons in ziens dat in geval in het verleden (in het verleden wil zeggen dat een algemene vergadering voorheen regelmatig besliste om ze niet uit te keren, ongeacht of dit van voor of na de schenking dateert) opgepotte reserves thans worden uitgekeerd, deze vanuit de verhouding blote eigenaar – vruchtgebruiker toekomen aan de blote eigenaar evenwel met een vruchtgebruik op de ontvangen uitkering voor de vruchtgebruiker.

Dit laatste behoeft geen verdere duiding indien er geen afwijkende statutaire bepaling is. In dat geval komt het dividend, dat hier sowieso gezien de aard van de operatie betrekking heeft op voorheen opgepotte reserves – cfr artikel 537 WIB 92 die deze operatie enkel toelaat voor reserves die worden goedgekeurd uiterlijk op 31/3/2013 - toe aan de blote eigenaar voor de blote eigendom en aan de vruchtgebruiker voor het vruchtgebruik. Bij de kapitaalverhoging komen de nieuw toegekende aandelen dan ook toe voor de blote eigendom aan de blote eigenaar en voor het vruchtgebruik aan de vruchtgebruiker. De successieplanning is in deze met andere woorden gecontinueerd.

En wat nu als de statuten voorzien dat het dividend toekomt aan de vruchtgebruiker? We gaan er daarbij vanuit dat de schenkingsakte is verleden na een statutenwijziging waarbij werd gesteld dat de rechten op aandelen in geval van splitsing blote eigendom/vruchtgebruik voortaan toekomen aan de vruchtgebruiker.

In deze situatie:

  • dienen ons inziens op basis van de statuten de opgepotte reserves middels dividenduitkering te worden uitgekeerd aan de vruchtgebruiker;
  • ontstaat tegelijkertijd op basis van de schenkingsakte een persoonlijk vorderingsrecht van de blote eigenaar tot afgifte van de blote eigendom van het ontvangen dividend.

In het licht van het bovenstaande kan ons inziens ook in deze situatie op de kapitaalverhoging worden ingeschreven door de blote eigenaars voor de blote eigendom en door de vruchtgebruikers (in casu de ouders) voor het vruchtgebruik zonder dat de fiscus daaruit kan afleiden dat er sprake is van een nieuwe schenking van de blote eigendom van het uitgekeerde netto dividend door de vruchtgebruikers aan de blote eigenaar. Vooraleer er sprake is van een schenking – met alle fiscale gevolgen vandien – dient er immers sprake te zijn van een begiftigingsinzicht vanwege de schenkers (ouders) aan de begiftigden (kinderen) door toekenning van de blote eigendom; in casu gaat deze toekenning niet terug op een schenkingsinzicht op heden maar op een verplichting op basis van de schenkingsakte in het verleden.

De bestaande successieplanning kan in deze omstandigheid met andere woorden ook worden gecontinueerd. Het bovenstaande neemt niet weg dat het aangewezen kan zijn, het bovenstaande vast te klikken in een document tussen vruchtgebruiker en blote eigenaar dat op een of andere manier ook semi vaste datum verkrijgt
  

Nieuwsbrief Archief

loading

Inschrijven voor onze nieuwsbrief

IMPOSTO Nieuwsbrief verschijnt maandelijks rond de kernexpertises van IMPOSTO Advocaten. De invalshoek is praktijkgericht. Schrijf u gratis in.