Eén jaar aanslag geheime commissielonen new style - een review vanuit de praktijk...

Eén jaar aanslag geheime commissielonen new style - een review vanuit de praktijk...

Ingevolge de Programmawet van 19 december 2014 werd het artikel 219 WIB 92 inzake de aanslag geheime commissielonen grondig herschreven. Deze wet is van toepassing op alle op 1 januari 2015 nog niet definitief afgesloten geschillen. Eerder hebben wij de krijtlijnen van de nieuwe wet toegelicht. (De Monsterbelasting van 309% gemilderd! - wat is de impact op oude, lopende en toekomstige geschillen). Na één jaar maken we van de belangrijkste nieuwigheden een balans op vanuit de praktijk.

De tariefwijziging van 309 naar 103% was wellicht de meest in het oog springende nieuwigheid. Wat de inwerkingtreding van het nieuwe tarief betreft lijken er zich in de praktijk geen bijzondere problemen te stellen. De fiscus past de nieuwe wet toe op na 31/12/2014 nog lopende rectificatie- en bezwaarprocedures. Aanslagen die bij voorbeeld worden gevestigd ná 31 december 2014 passen het tarief van 103% toe ook al werd voorheen bij bericht van wijziging een tarief van 309% aangekondigd. Een ander voorbeeld zijn de aanslagen die vóór 2015 nog aan 309% werden gevestigd die na bezwaar bij directoriale beslissing passend worden ontheven tot een tarief van 103 %. Ook de hoven en rechtbanken bevelen in hun uitspraken vanaf 2015 de passende herberekening of ontheffing van de aanslag (o.a. Antwerpen, 10 februari 2015).

De nieuwe wettekst voorziet daarnaast in een tarief van 51,50% indien de genieter van niet gerapporteerde voordelen een rechtspersoon is. In een circulaire van 11 juni 2015 stelt de fiscus in dit verband dat dit tarief maar van toepassing zou zijn als de vennootschap kan aantonen dat de uiteindelijke verkrijger een rechtspersoon is. Er zou dus moeten kunnen worden aangetoond dat de rechtspersoon het ontvangen voordeel niet heeft doorgegeven aan een derde die géén rechtspersoon is. Dit lijkt een onmogelijk of moeilijk te leveren negatief bewijs. De fiscus lijkt hier een voorwaarde toe te voegen aan de wet.

Meer stof tot debat met de fiscus is de vraag of de onderliggende geheime commissielonen die de bijzondere aanslag ondergaan op zich aftrekbare beroepskosten blijven. Onder de oude wet was dit onbetwist het geval. De nieuwe wet lijkt op dit punt ook niet te zijn gewijzigd. De aftrekbaarheid van de niet-gerapporteerde voordelen werd ook uitdrukkelijk vooropgesteld in het ontwerp van programmawet. Aan het artikel dat de voorwaarden voor een aftrekbare beroepskost regelt (artikel 197 WIB 92) werd weliswaar toegevoegd dat de niet-verantwoorde kosten of voordelen als beroepskosten worden aangemerkt "onverminderd" de toepassing van ondermeer artikel 49 WIB 92. De fiscus grijpt deze aanvulling in de voornoemde circulaire aan om te stellen dat bij voorbeeld "zwarte lonen" niet als beroepskosten in aanmerking zouden komen voor aftrekbaarheid omdat de echtheid en het bedrag van de kost of van het voordeel dan niet zouden zijn aangetoond. Dit lijkt opnieuw een brug te ver. Uitbetaalde lonen lijken immers principieel als beroepskosten te kwalificeren, of de genieters nu al of niet gekend zijn. En hoe zou men overigens de bijzondere aanslag kunnen toepassen als het bedrag van de uitbetaalde lonen zogenaamd niet aangetoond zou zijn? De bijzondere aanslag zelf is en blijft alvast onbetwist een aftrekbare beroepskost (artikel 198 § 1, 1 WIB92).

Ontsnappen aan de bijzondere aanslag kan sinds de vernieuwde wet indien de verkrijger van een voordeel op ondubbelzinnige wijze werd geïdentificeerd binnen de 2 jaar en 6 maanden volgend op 1 januari van het betrokken aanslagjaar. De voornoemde circulaire voegt wat dit punt betreft andermaal een voorwaarde toe aan de wet: de genieter zou schriftelijk zijn akkoord moeten geven om effectief te worden belast. Conform de wettekst is het immers voldoende dat de genieter geïdentificeerd wordt en zodoende belast kan worden. In de rechtspraak wordt bevestigd dat de identificatie voldoende is zonder dat een schriftelijk akkoord tot taxatie moet worden gegeven. Een debetstand op rekening-courant van een gedelegeerd bestuurder bij voorbeeld laat toe hem te identificeren en dienvolgens aan de bijzondere aanslag te ontsnappen, aldus het hof van beroep van Gent (Gent, 24 februari 2015). Evenzeer uit een antwoord door de vennootschap op een vraag om inlichtingen kan de genieter worden geïdentificeerd waardoor de bijzondere aanslag niet toepasbaar is, aldus het hof van Antwerpen (Antwerpen, 15 september 2015) en de rechtbank van Brugge (Rb. Brugge, 25 februari 2015). De Minister van Financiën bevestigde inmiddels dat een schriftelijk akkoord inderdaad geen wettelijke vereiste is en hij kondigde een bijsturing van de omzendbrief aan in dit verband.

Tenslotte is in de nieuwe regeling uitdrukkelijk opgenomen dat verdoken meerwinsten niet langer onderworpen zijn aan de bijzondere aanslag in geval zij het gevolg zijn van een verwerping van beroepskosten. Volgens de voornoemde circulaire zou deze wettelijke beperking geen uitwerking hebben voor wat betreft fictieve facturen. In de rechtspraak wordt deze administratieve zienswijze terecht van de hand gewezen. Zo oordeelde de rechtbank van Antwerpen dat ingevolge de letter van de wet de bedragen die uit fictieve aankoopfacturen blijken onderworpen zijn aan de gemeenrechtelijke behandeling van de verworpen uitgaven en niet aan de aanslag geheime commissielonen (Rb. Antwerpen 26 juni 2015).

De vernieuwde wetgeving inzake de aanslag geheime commissielonen bracht een zekere verademing voor de belastingplichtige, onder meer gezien de tariefwijziging en een aantal bijkomende ontsnappingsroutes. De administratie evenwel lijkt het nog steeds niet begrepen te hebben op een aantal niet onbelangrijke punten van de huidige regelgeving. Zij vaardigde een circulaire uit waarbij bijkomende voorwaarden aan de wettekst lijken te worden opgelegd. De fiscus lijkt daarbij terecht te worden teruggefloten door de hoven en rechtbanken. Wordt ongetwijfeld vervolgd. 

Nieuwsbrief Archief

loading

Inschrijven voor onze nieuwsbrief

IMPOSTO Nieuwsbrief verschijnt maandelijks rond de kernexpertises van IMPOSTO Advocaten. De invalshoek is praktijkgericht. Schrijf u gratis in.