De gezinswoning: eenvoudig gepland via testament!

De gezinswoning: eenvoudig gepland via testament!

20.04.2011
Stijn Lamote (advocaat-vennoot) en Anouck Sandra (advocaat)

De vererving van de gezinswoning is sinds 1 januari 2007 tussen echtgenoten vrijgesteld van successierechten. Deze vrijstelling creëert opportuniteiten voor de successieplanning van de gezinswoning, toch veelal een wezenlijk deel van het (vastgoed)patrimonium van een echtpaar.

Neem volgende hypothetische situatie. George en Anna zijn gehuwd onder het wettelijk stelsel bij gebreke aan huwelijkscontract. Het echtpaar heeft twee kinderen: Sofia en Arthur. Hun vastgoedpatrimonium omvat per veronderstelling enkel hun gezinswoning ter waarde van € 750.000,00.

Bij het vooroverlijden van George valt ingevolge het wettelijk erfrecht zijn onverdeelde helft van de gezinswoning in de nalatenschap (blauw omkaderd). Het vruchtgebruik hierop wordt vererfd aan Anna als langstlevende echtgenote en de blote eigendom aan de kinderen Sofia en Arthur.

Bijgevolg kan de eigendomssituatie met betrekking tot de gezinswoning na het vooroverlijden van George als volgt schematisch worden weergegeven:

De langstlevende is vrijgesteld van successierechten op het verkregen vruchtgebruik. Sofia en Arthur zijn wel elk successierechten verschuldigd op hun verkregen blote eigendom. Overleed George bij wijze van hypothese aan 66-jarige leeftijd dan zijn Sofia en Arthur elk successierechten verschuldigd ad € 8.475,00.

Noteer dat de beschikkingsbevoegdheid van de langstlevende met betrekking tot de gezinswoning op die manier overigens wordt ingeperkt. Wenst de langstlevende bijvoorbeeld de gezinswoning te verkopen aan een derde dan dienen de kinderen daartoe in te stemmen aangezien zij hun blote eigendom dienen mee te verkopen.

Bij het overlijden van Anna wast haar vruchtgebruik aan bij de blote eigendom van de kinderen. Hierop zijn geen successierechten verschuldigd. De andere helft van de gezinswoning valt evenwel voor de volle eigendom in Anna’s nalatenschap en komt de kinderen elk voor de helft toe. Sofia en Arthur zijn hierop elk successierechten verschuldigd ad € 13.875,00.

De totaal verschuldigde successierechten op de gezinswoning over beide overlijdens heen kan als volgt schematisch worden weergegeven:

Met behulp van, in eerste instantie, een testament kan de overgang van de gezinswoning fiscaal zeer efficiënt worden geoptimaliseerd.

We gaan hierna dieper in op een voorstel van planning van de gezinswoning met testament.

George en Anna stellen elk een testament op waarbij ze hun aandeel in de gezinswoning voor 48% in volle eigendom aan elkaar toebedelen en voor 1% aan zowel Sofia als Arthur.

Bij het vooroverlijden van George wordt zijn helft van de gezinswoning ingevolge het testament voor de volle eigendom voor 48% toegewezen aan Anna en voor 1% aan Sofia en Arthur.

De langstlevende, Anna, is hierop geen successierechten verschuldigd. Sofia en Arthur zijn elk successierechten verschuldigd ad € 81,00.

De langstlevende beschikt vervolgens over een waaier aan keuzemogelijkheden tot planning van de gezinswoning. Cruciaal is wel dat de langstlevende hiertoe de nodige stappen onderneemt.

Heeft de langstlevende nog geen definitieve planning van de gezinswoning voor ogen, dan kan worden voorzien in een wachtscenario. De langstlevende treedt uit onverdeeldheid met de kinderen op het vlak van de blote eigendom (en dus met voorbehoud van vruchtgebruik). Dit gebeurt aan het tarief van 1% in de registratierechten (rechten bij uitonverdeeldheidtreding) in plaats van aan het tarief van 10% (verkooprechten). Bij het overlijden van de langstlevende bekomen de kinderen de gezinswoning in volle eigendom (door aanwas van het vruchtgebruik) zonder dat zij daarop successierechten verschuldigd zijn. Met toepassing van dit scenario zijn over beide overlijdens heen amper € 162,00 (!) aan successierechten verschuldigd op een woning met een waarde van € 750.000,00, voorwaar een efficiënte planning!

Wenst de langstlevende niet langer over de gezinswoning te beschikken dan staan meerdere mogelijkheden open. Wenst één van beide kinderen de gezinswoning te kopen dan kan dit evenzeer aan het tarief van 1% in plaats van aan het tarief van 10%. Wenst de langstlevende de gezinswoning te verkopen (na uitonverdeeldheidtreding met de kinderen) aan een derde dan bekomt de langstlevende nagenoeg de volledige verkoopprijs.

De vrijstelling in de successierechten van de gezinswoning aan de langstlevende opent belangrijke perspectieven inzake successieplanning, ook naar de kinderen toe.

Nieuwsbrief Archief

loading

Inschrijven voor onze nieuwsbrief

IMPOSTO Nieuwsbrief verschijnt maandelijks rond de kernexpertises van IMPOSTO Advocaten. De invalshoek is praktijkgericht. Schrijf u gratis in.