Begroting 2012 - wordt u ook gestrikt ?

Begroting 2012 - wordt u ook gestrikt ?

Na de federale verkiezingen van juni 2010 kende ons land de langste regeringsvorming uit de geschiedenis. De crisis van de eurozone en de tweede bankencrisis maakten het de regeringsonderhandelaars ook niet bepaald makkelijk om tot een akkoord te komen over het sociaal-economisch beleid. Het is dan ook geen verrassing dat het nieuwe regeerakkoord een einde inluidt van de periode van relatieve fiscale stabiliteit die we gekend hebben onder de vorige minister van financiën.

Op 28 november bereikten de onderhandelaars een akkoord over de begroting 2012. Hierna geven we een overzicht van de belangrijkste maatregelen waardoor u of uw cliënteel mogelijk kan gestrikt worden.

Deze beschrijving is gebaseerd op de tekst van het regeerakkoord zoals dit op 2 december 2011 beschikbaar was. Deze tekst bevat een algemene omschrijving van de voorgestelde maatregelen. Tijdens de komende weken zal dit akkoord vertaald worden in diverse wetsontwerpen en uitvoeringsmaatregelen. Wij verwachten dat deze in de loop van de maand december door het parlement zullen gejaagd worden. Pas nadat alle ideeën zijn omgezet in wetteksten kunnen we u verder informeren over de meer concrete aspecten van de verschillende maatregelen.

In het regeerakkoord wordt niet gezegd vanaf wanneer de verschillende maatregelen in werking zullen treden. Dit is vandaag een open vraag. In de fiscale geschiedenis werd in vroeger tijden vaak het "aankondigingsprincipe" gehanteerd waarbij een belastingverhoging reeds in werking trad op het moment dat ze werd bekendgemaakt. Omdat dit vaak nefast was voor de rechtszekerheid, werd dit beginsel in de "nieuwe fiscale cultuur" met de gepaste zuinigheid gehanteerd...

VERHOGING VAN DE ROERENDE VOORHEFFING

Als algemeen principe zou gelden dat alle roerende inkomsten (interesten, dividenden, royalties) belast worden tegen een tarief van 21%. Op dit algemene principe worden de volgende uitzonderingen voorzien:

  • Het tarief van 25% dat van toepassing is op dividenden en sommige interesten wordt behouden (en dus niet verlaagd tot 21%);
  • Liquidatieboni blijven onderworpen aan 10% roerende voorheffing;
  • Rente op spaarrekeningen blijft onderworpen aan 15% roerende voorheffing. De huidige vrijstellingsregeling op de eerste schijf van EUR 1.730 blijft eveneens behouden;
  • Rente op staatsbons uitgegeven tussen 24 november 2011 en 2 december 2011 blijft eveneens aan 15% roerende voorheffing onderworpen. Voor latere uitgiftes van staatsbonds zal het 21% tarief gelden.

Indien een belastingplichtige meer dan EUR 20.000 roerende inkomsten verwerft die aan het tarief van 21% onderworpen zijn, dan is een aanvullende "solidariteitsbijdrage" van 4% verschuldigd op het gedeelte van de roerende inkomsten dat het plafond overschrijdt. Dit gedeelte wordt dan dus ook aan 25% roerende voorheffing onderworpen. Het is nog niet duidelijk of deze solidariteitsbijdrage mee aan de bron zal worden geïnd dan wel of een en ander verwerkt zal worden in de aangifte in de personenbelasting of via een uitwisseling van informatie tussen financiële instellingen.

Het is niet duidelijk vanaf wanneer deze verhoging zal worden ingevoerd. Bij vorige aanpassingen van de roerende voorheffing werd vaak het "aankondigingsprincipe" gehanteerd. De verhoging trad dan in werking op inkomsten die betaalbaar waren gesteld na de aankondiging van de verhoging. In casu werd eind november in de pers gecommuniceerd over de verhoging.

VENNOOTSCHAPSBELASTING

Notionele interestaftrek
Het tarief van de notionele interestaftrek wordt voor de jaren 2012 tot en met 2014 vastgelegd op 3%. De verhoging met 0,5% voor KMO-vennootschappen blijft behouden.

De notionele interestaftrek zou bovendien niet meer overdraagbaar zijn in de tijd.

De aftrek van opgebouwde overschotten aan notionele aftrek zou beperkt worden. Uit informele bronnen blijkt dat deze beperking de volgende vormen kan aannemen:

  • De verrekening van overgedragen notionele interestaftrek zou de laatste bewerking worden voor de berekening van de belastbare grondslag. Daardoor moeten eerst alle andere fiscale aftrekken worden toegepast (DBI, vorige verliezen, ...);
  • De aftrek zou beperkt worden tot 60% van de overblijvende winst (tenzij deze winst lager zou liggen dan EUR 1 miljoen).

Vrijstelling meerwaarde op aandelen
De huidige vrijstelling wordt volledig behouden. Wel wordt een minimum houdperiode van 1 jaar opgelegd. Indien de aandelen verkocht worden binnen de periode van één jaar, zullen ze aan het "specifiek" tarief van 25% worden belast. De aangifte in de vennootschapsbelasting zal dus opnieuw ingewikkelder worden door invoering van inkomsten die aan afzonderlijke tarieven belastbaar zijn...

Aftrek interesten op leningen
In de pers werd eveneens aangekondigd dat er een beperking van de aftrekbaarheid van interestkosten zou worden ingevoerd. Er zou een "thin cap" regel worden ingevoerd waardoor interest niet aftrekbaar is in de mate dat ze betrekking heeft op leningen die hoger zijn van vijf keer het eigen vermogen (5/1 ratio). De beperking zou enkel gelden voor interesten die betaald worden aan verbonden ondernemingen en/of aan verkrijgers voor wie het interestinkomen gunstig wordt belast (b.v. off shores). Betalingen op bankleningen zouden niet geviseerd worden.

Einde van het "papieren pensioen"
Individuele pensioentoezeggingen voor de zelfstandige bedrijfsleiders zullen steeds moeten worden uitbesteed aan een extern pensioenfonds of een externe verzekeringsonderneming. De pensioenopbouw via een interne pensioenvoorziening in de vennootschap wordt niet meer toegelaten.

De verzekeringspremies op toezeggingen zullen worden onderworpen aan de belasting van 4,4% op de verzekeringsovereenkomsten. In een overgangsperiode zou tijdelijk een verlaagd tarief (het cijfer van 1,75% wordt genoemd) worden toegepast voor de omzetting van reeds bestaande pensioentoezeggingen.

Plafonnering van de 80%-regel
In het regeerakkoord wordt aangekondigd dat de bijdragen slechts fiscaal aftrekbaar zijn (in het kader van de 80%-regel) indien ze recht geven op een aanvullend pensioen dat, bij het wettelijk pensioen samengevoegd, het niveau van het hoogste overheidspensioen niet overschrijdt.

PERSONENBELASTING

Belasting firmawagens
Bij het bepalen van het voordeel van alle aard voor firmawagens zal rekening gehouden worden met zowel de cataloguswaarde als met de CO2-uitstoot. Daardoor zal het belastbare voordeel in natura van milieuvriendelijke luxewagens aanzienlijk toenemen. Sommige bronnen geven aan dat het minimum te belasten voordeel 1.000 EUR per jaar (te indexeren) zou bedragen.
In het regeerakkoord wordt ook het principe vooropgesteld dat de belastingverhoging door de werkgever en de werknemer gezamenlijk gedragen wordt. Er zou dus bij de vennootschappen een gedeelte van het toegekende voordeel van alle aard steeds in verworpen uitgaven worden opgenomen (er circuleert een bedrag van 17% van het toegekende voordeel).

Belasting van aandelenopties
Het voordeel van alle aard uit de toekenning van aandelenopties wordt momenteel forfaitair geraamd bij toekenning van de optie op 15% van de waarde van de onderliggende aandelen. In sommige gevallen wordt deze waarde gehalveerd (afhankelijk van de looptijd en de kenmerken van de aandelenoptie).

In het regeerakkoord wordt voorgesteld om een percentage van 18% toe te passen voor de forfaitaire waardering. Het principe van de halvering van de waarde in sommige gevallen wordt evenwel behouden.

Voordeel in natura gratis woonst
De waardering van het voordeel in natura dat voortvloeit uit het gratis kunnen beschikken over een onroerend goed door een bedrijfsleider zal opnieuw worden bekeken. De regering wil deze voordelen berekenen aan de hand van forfaits en coëfficiënten "die meer aansluiten bij de realiteit".

Momenteel wordt het 100/60 van het KI vermenigvuldigd met de multiplicator 2 indien het KI hoger is dan EUR 745. Volgens sommige bronnen zou een multiplicator van 3,8 worden toegepast.

De voordelen voor gratis ter beschikking stellen van verwarming en elektriciteit zouden eveneens aanzienlijk worden verhoogd (er circuleren bedragen van EUR 1.820 voor gratis verwarming en EUR 910 voor gratis elektriciteit).

Afschaffing belastingaftrek energiebesparende investeringen
In het regeerakkoord wordt aangekondigd dat het fiscale voordeel verbonden aan "energiebesparende investeringsuitgaven" zou beperkt worden. In de logica van het institutionele akkoord krijgen de gewesten immers bijkomende bevoegdheden om deze materie te regelen. Op federaal vlak zou de belastingvermindering enkel nog gelden voor investeringen in dakisolatie. Het bedrag van de belastingverlaging zal op een andere manier worden berekend waardoor het lager is dan vandaag.

Vereenvoudiging belastingverminderingen
Het huidige stelsel van de diverse belastingverminderingen zou vereenvoudigd worden. Volgens sommige bronnen zouden nog 2 tarieven worden gehanteerd:

  • 45% voor de uitgaven voor de enige eigen woning, de kosten voor kinderopvang en de giften;
  • 30% voor alle andere uitgaven

ANDERE MAATREGELEN

Nieuwe anti-misbruikbepaling
De nieuwe regering verwacht veel heil van een betere aanpak van de fraude. In dat verband wordt ook voorgesteld om de algemene anti-misbruikbepaling (art. 344, §1 WIB) te herwerken.

In de huidige stand van de (cassatie)rechtspraak kan de fiscus een verrichting of geheel van verrichtingen enkel gaan herkwalificeren indien de rechtsgevolgen van de door de fiscus voorgestelde kwalificatie "gelijkaardig" zijn aan de rechtsgevolgen van de door de belastingplichtige gekozen verrichting. Deze ontwikkeling heeft de administratie min of meer gekortwiekt bij het toepassen van de algemene anti-misbruikbepaling.

In het regeerakkoord is opgenomen dat de administratie krachtens de nieuwe wetgeving "één of verscheidene daden kan herkwalificeren zonder dat het bestaan van identieke of soortgelijke juridische gevolgen in burgerlijk recht zal moeten worden bewezen".

Het ziet er dus naar uit dat de algemene anti-misbruikbepaling die in de rechtsleer soms omschreven werd als een "papieren tijger" uit haar as zou kunnen herrijzen. Het laatste woord is hier ongetwijfeld nog niet over gezegd.

Aanpak "turbo-vruchtgebruikconstructies"
De regering kondigt eveneens aan dat de strijd tegen de zogenaamde "turbo vruchtgebruik constructies" zal worden voortgezet. Dit zal gebeuren via betere controle, of via een regelgevend initiatief waarbij de waarde van het voordeel in natura op andere wijze bepaald wordt. Het is in de tekst nog niet geheel duidelijk welke vruchtgebruikconstructies juist geviseerd worden.

Omzetting aandelen aan toonder in gedematerialisserde aandelen en nominatieve aandelen
Bij de omzetting van aandelen aan toonder in gedematerialiseerde aandelen en in aandelen op naam zal een taks worden geheven. Volgens bronnen zou deze taks 1% bedragen bedrag voor de omzetting die in 2012 worden uitgevoerd en 2% voor de omzettingen die in 2013 worden uitgevoerd.

Taks op de beursverrichtingen
De tarieven van de taks op de beursverrichtingen (momenteel 0,7‰, 1,7‰ of 0,5%) en de plafonds die gelden per verrichting worden verhoogd met 30%.

BTW
Er komt geen algemene verhoging van de BTW-tarieven. Het tarief voor BTW op diensten met betrekking tot kabeldistributie met behulp van een decoder (dus voor digitale televisie) zal stijgen van 12% naar 21%.

De prestaties van gerechtsdeurwaarders en notarissen zullen onderworpen worden aan 21% BTW. Deze diensten zullen dus meer dan één vijfde duurder worden.

Accijnzen op tabak
De accijnzen op tabak zullen worden verhoogd "om gedrag dat schadelijk is voor de gezondheid te ontmoedigen"...

Afschaffing korting "propere" wagens
Minder gezond voor het leefmilieu is dan weer dat ook de korting voor propere wagens wordt afgeschaft.

Het Vlinderakkoord zal ongetwijfeld nog verder worden uitgewerkt en verfijnd. U kunt een permanente update vinden op onze website www.imposto.be onder de rubriek "nieuws & info".

Nieuwsbrief Archief

loading

Inschrijven voor onze nieuwsbrief

IMPOSTO Nieuwsbrief verschijnt maandelijks rond de kernexpertises van IMPOSTO Advocaten. De invalshoek is praktijkgericht. Schrijf u gratis in.