Antigoon in fiscalibus - gebruik van onrechtmatig fiscaal bewijs opnieuw aan banden gelegd!

Antigoon in fiscalibus - gebruik van onrechtmatig fiscaal bewijs opnieuw aan banden gelegd!

Het gebruik van onrechtmatig verkregen bewijs in fiscale zaken is op vandaag een heet hangijzer.

In strafzaken wordt enkel besloten tot nietigheid van onregelmatig verkregen bewijselementen indien de naleving van de betrokken vormvoorwaarden wordt voorgeschreven op straffe van nietigheid of de begane onregelmatigheid de betrouwbaarheid van het bewijs heeft aangetast of het gebruik van het bewijs in strijd is met het recht op een eerlijk proces. Het betreft de zogenaamde Antigoon-leer ontwikkeld door het Hof van Cassatie en sinds 2013 ingeschreven in het wetboek van strafvordering.

In de fiscale wetboeken staat vooralsnog nergens ingeschreven wat een fiscale rechter aanvangen moet met onrechtmatig verkregen bewijs. Er is wel het fiscale Antigoon-arrest van het Hof van Cassatie van 22 mei 2015. Volgens het Hof van Cassatie kan het gebruik van onrechtmatig verkregen bewijs slechts worden geweerd: "indien de bewijsmiddelen verkregen zijn op een wijze die  zozeer indruist tegen hetgeen van een  behoorlijk handelende overheid mag worden verwacht dat dit gebruik onder alle omstandigheden als ontoelaatbaar moet worden geacht, of indien dit gebruik het recht van de belastingplichtige op een eerlijk proces in het gedrang brengt."

Het fiscale Antigoon-arrest roept sowieso vragen op niet in het minst omdat de strafrechtelijke schuldvraag omtrent een misdrijf moeilijk kan worden gelijkgesteld of zelf maar vergeleken met de vraag naar de rechtsgeldigheid dan wel de gegrondheid van een taxatie.

Los van de mogelijke kritiek die kan worden geuit op het fiscale Antigoon-arrest is er op vandaag de vaststelling dat enkele rechtbanken menen de Antigoon-leer zelfs te kunnen uitbreiden tot procedurekwesties.  

Zo paste het Antwerpse hof de Antigoon-leer toe op het feit dat het bericht van wijziging door een onbevoegde dienst is verstuurd, zijnde een procedureregel inzake de belastingheffing (Antwerpen 10 november 2014).

Middels een tussenvonnis laat de rechtbank van Leuven de partijen nog de mogelijkheid om standpunt in te nemen over de vraag of het Antigoon-arrest ook niet kan worden toegepast op een aanslag die is gevestigd door een onbevoegde dienst die het onderzoek verrichtte (Rb. Leuven 2 oktober 2015).

Het hof van beroep van Brussel paste de Antigoon-leer toe op een onregelmatige aangifte door een belastingambtenaar van een misdrijf aan het parket (art. 29 al. 2 W.Sv). Zowel met betrekking tot de aangifte zelf als met de vereiste voorafgaande machtiging van de gewestelijke directeur waren er blijkbaar problemen. Het Brusselse hof loste die op in het nadeel van de belastingplichtige met toepassing van de Antigoon-leer terwijl artikel 460 §2 WIB 92 voorschrijft dat bij een onregelmatige machtiging het parket geen vervolging kan instellen.

Deze rechtspraak is ten zeerste voor kritiek vatbaar. De Antigoonleer betreft immers een tool om het vraagstuk inzake de uitsluiting van onrechtmatig verkregen bewijs op te lossen. Zij dient niet tot de oplossing van kwesties inzake overheidshandelingen gesteld door een onbevoegde ambtenaar. Zij dient evenmin om de onontvankelijkheid van een strafvordering naar aanleiding van een onregelmatige aangifte van een misdrijf door een ambtenaar op te vangen, etc.

Terecht heeft het Hof van Cassatie alvast het arrest van het hof van beroep van Brussel verbroken (Cass. 19 januari 2016).  De leer die uit dit cassatiearrest kan worden getrokken is dat de fiscale Antigoon-leer enkel kan worden toegepast op voorschriften die louter de verzameling van bewijselementen regelen. De aangifte van een misdrijf is geen bewijsmiddel en de vereiste voorafgaande machtiging is het evenmin; het betreft een vereiste voor de ontvankelijkheid van de strafvordering.

Het is hoe dan ook zeer de vraag of de fiscale Antigoon-leer, nog geen jaar oud, nog een lang leven beschoren is in geval van de schending van een grondrecht. Inmiddels oordeelde het Hof van Justitie immers dat bewijzen die zijn verkregen met schending van de privacy of een ander grondrecht uit het EU-Handvest zoals het recht op verdediging of het recht op een doeltreffende toegang tot de rechter niet mogen dienen voor een btw-naheffing (HvJ 17 december 2015, WebMindLicenses). In de rechtsleer wordt terecht verdedigd dat het zogenaamde WebMindLicenses-arrest ook relevant is voor zaken met betrekking tot de inkomstenbelastingen, in het licht van de gelijke grondrechten voorzien in het Europese Verdrag voor de Rechten van de Mens.

Volgens de fiscale Antigoonleer kan bewijsuitsluiting van onrechtmatig bewijs in feite enkel als de fiscus het uitermate bont heeft gemaakt of een eerlijk proces in het gedrang komt. De Antigoonleer die overwaaide vanuit het strafrecht doet vragen rijzen op fiscaal vlak ondermeer gezien de beoordeling van een schuldvraag met betrekking tot een misdrijf niet te vergelijken valt met de rechtsgeldigheid en de gegrondheid van een taxatie. Tot overmaat van ramp blijken een aantal hoven en rechtbanken de fiscale Antigoonleer uit te breiden tot procedurekwesties. Cassatie corrigeerde inmiddels en bevestigde dat de toepassing van de leer is beperkt tot voorschriften die louter de verzameling van bewijselementen regelen. Of de fiscale Antigoon-leer nog een lang leven beschoren is, in geval van de schending van een grondrecht, is zeer de vraag. Het Hof van Justitie lijkt immers een andere mening dan Cassatie te zijn toegedaan: bewijs verkregen met schending van een grondrecht leidt tot de vernietiging van de fiscale heffing. Wordt ongetwijfeld vervolgd!

Nieuwsbrief Archief

loading

Inschrijven voor onze nieuwsbrief

IMPOSTO Nieuwsbrief verschijnt maandelijks rond de kernexpertises van IMPOSTO Advocaten. De invalshoek is praktijkgericht. Schrijf u gratis in.

We zullen uw persoonsgegevens verwerken in overeenstemming met ons privacybeleid.