Aftrek voor octrooi-inkomsten : versoepeling voor kmo’s in de maak !

Aftrek voor octrooi-inkomsten : versoepeling voor kmo’s in de maak !

In het kader van haar relanceplan 2012 nam de regering reeds in juli 2012 de beslissing de voorwaarden voor de toepassing van de aftrek voor octrooi-inkomsten aanzienlijk te versoepelen voor KMO’s. Het wetsontwerp houdende fiscale en financiële bepalingen en bepalingen betreffende duurzame ontwikkeling voorziet thans dat de aftrek voor octrooi-inkomsten voor KMO’s voortaan zou worden uitgebreid tot al haar octrooien, aanvullende beschermingscertificaten of licentierechten. KMO’s zouden hiertoe niet langer over een onderzoekscentrum moeten beschikken waarin deze octrooien worden ontwikkeld of verbeterd. Dit opent heel wat perspectieven, zowel voor bestaande KMO’s als starters!

Huidige regeling

Een octrooi houdt het recht in om tijdelijk een bepaalde uitvinding exclusief te exploiteren binnen een bepaald grondgebied.

De aftrek voor octrooi-inkomsten maakt het mogelijk voor een Belgische vennootschap of inrichting 80% van haar (werkelijke of hypothetische) inkomsten uit octrooien en/of aanvullende beschermingscertificaten in mindering te brengen van de winst van het belastbaar tijdperk. Het belastingtarief op deze inkomsten wordt hierdoor verminderd van in principe 34% tot minstens 6,7%!

Opdat een Belgische vennootschap of inrichting kan genieten van de aftrek voor octrooi-inkomsten moet wel aan een aantal voorwaarden zijn voldaan (zie eerdere publicatie TFI rubriek Onderneming & Fiscaliteit, 26 juni 2012, S. LAMOTE en A. SANDRA, “Fiscale incentives voor octrooien: ook in België!”).

Zo dient de betrokken vennootschap of inrichting onder de huidige regeling te beschikken over een onderzoekscentrum waar het octrooi geheel of gedeeltelijk wordt ontwikkeld of, indien verworven, wordt verbeterd. Het onderzoekscentrum dient binnen de vennootschap bovendien minstens een bedrijfsafdeling of tak van werkzaamheid uit te maken.

Opdat een afdeling binnen een onderneming kan worden gekwalificeerd als een bedrijfsafdeling of tak van werkzaamheid moet ze technisch onafhankelijk kunnen functioneren door o.m. gespecialiseerd personeel te werk te stellen, te beschikken over een eigen ruimte voldoende uitgerust met gespecialiseerd onderzoeksmateriaal alsook eigen financiering en afzonderlijke financiële informatie.

Met deze voorwaarde werd beoogd tewerkstelling en intern onderzoek en ontwikkeling door de betrokken vennootschap te stimuleren alsook misbruik te voorkomen door te voorzien in een zekere substantie.

In de praktijk blijkt deze voorwaarde echter vaak een struikelblok, inzonderheid voor KMO’s en startende ondernemingen. Vaak beschikken zij immers niet over de mogelijkheden (budgettaire ruimte, know how, …) om zelf een onderzoekscentrum uit te bouwen dat bovendien kwalificeert als bedrijfsafdeling of tak van werkzaamheid.

Zo kan een onderneming actief zijn in een sector waar onderzoek en ontwikkeling van nieuwe processen en producten noodzakelijk is, maar zelf niet over de mogelijkheid beschikken om een onderzoekscentrum in de vorm van een bedrijfstak of bedrijfswerkzaamheid uit te bouwen. Indien de onderneming het onderzoek volledig uitbesteedt aan een extern onderzoekscentrum draagt zij hiervan de kosten en komen de resultaten haar toe; de onderneming kan in dat geval echter niet genieten van de aftrek voor octrooi-inkomsten.

Ondanks haar flexibele aanpak ten aanzien van deze voorwaarde kan ook de rulingpraktijk ter zake niet steeds een oplossing bieden.

Relanceplan 2012

De regering was zich bij de opmaak van het relanceplan 2012 bewust van deze problematiek. Met haar relanceplan 2012 wenst de regering de Belgische economie duurzaam te doen heropleven en de competitiviteit van de Belgische ondernemingen te versterken.

De regering erkent hierbij dat KMO’s een essentiële motor zijn van de Belgische economie en wenst KMO’s dan ook bijkomend te ondersteunen, onder meer in haar onderzoek en ontwikkeling door een versoepeling van de aftrek voor octrooi-inkomsten.

Wetsontwerp

Het wetsontwerp houdende fiscale en financiële bepalingen en bepalingen betreffende duurzame ontwikkeling concretiseert voormelde op opmerkelijke wijze door te voorzien in een volledige afschaffing van de vereiste van een onderzoekscentrum voor kleine vennootschappen.

Kleine vennootschappen in de zin van artikel 15 van het Wetboek van Vennootschappen zouden voortaan niet langer aan de vereiste van onderzoekscentrum moeten voldoen om de aftrek voor octrooi-inkomsten te kunnen claimen. Het volstaat dat zij beschikken over octrooien, aanvullende beschermingscertificaten of licenties daarop die in aanmerking komen voor de aftrek voor octrooi-inkomsten.

Terugkomend op ons voorbeeld van daarnet zal de betrokken onderneming onder de nieuwe regeling toch de aftrek voor octrooi-inkomsten kunnen claimen ook al besteedt zij het onderzoek uit aan een extern onderzoekscentrum of wordt er (voorlopig) geen verder onderzoek gevoerd. Voorwaarde is wel dat de onderneming kwalificeert als kleine vennootschap in de zin van artikel 15 van het Wetboek van Vennootschappen voor elk aanslagjaar verbonden aan het belastbaar tijdperk waarin de vennootschap de aftrek voor octrooi-inkomsten wenst te claimen.

De volledige afschaffing van de vereiste van onderzoekscentrum is opmerkelijk aangezien op die manier niet langer de initiële doelstelling van tewerkstelling en intern onderzoek en ontwikkeling wordt nagestreefd, alsook eventuele misbruiken op die manier niet zijn uitgesloten (wat echter zou indruisen tegen de doelstelling van deze wetgeving).

Bovendien maakte de Raad van State in haar advies bij het wetsontwerp gewag van een mogelijke schending van het gelijkheidsbeginsel wegens een niet-verantwoord verschil in behandeling tussen “kleine vennootschappen” enerzijds en “niet-kleine vennootschappen” anderzijds. In de Memorie van Toelichting tracht men deze kritiek te counteren door aan te geven dat deze maatregel kadert in een geheel van maatregelen ten voordele van kleine vennootschappen, maar dat het de bedoeling blijft de geest van de initiële maatregel, het stimuleren van vennootschappen tot ontwikkeling binnen hun eigen onderzoekscentra voor het creëren en verbeteren van octrooien, maximaal te behouden.

Het wetsontwerp werd op vandaag reeds aangenomen door de Kamer en dient nog te worden goedgekeurd door de Senaat. Verwacht wordt dat het wetsontwerp geen wezenlijke veranderingen meer zal ondergaan. De wijzigingen zouden in werking treden vanaf aanslagjaar 2014.

 

Nieuwsbrief Archief

loading

Inschrijven voor onze nieuwsbrief

IMPOSTO Nieuwsbrief verschijnt maandelijks rond de kernexpertises van IMPOSTO Advocaten. De invalshoek is praktijkgericht. Schrijf u gratis in.